Dat gat zat er al
Geen boormachine, geen lijm, geen nieuwe gaten — CLSTR gebruikt wat de stad al achterliet. Fragmenten die meereizen van stad naar stad.
Wie zegt dat street art alleen met verf of lijm op een muur kan?

Aan stadsmuren blijft meer achter dan je denkt. Oude schroeven, uitstekende spijkers, pluggen waar ooit een bordje of kabel aan vastzat. Ze blijven achter terwijl de rest allang weer verdwenen is.
Voor CLSTR is zo'n achtergelaten schroef of spijker genoeg.
CLSTR bestaat uit 10.000 GSTRs. Sommige hangen samen als een cluster, andere zijn inmiddels in privécollecties terechtgekomen. Maar er is geen reden waarom ze allemaal binnen zouden moeten blijven.
Geen boormachine, geen lijm, geen nieuwe gaten. Alleen gebruiken wat er al is. De bestaande bevestigingspunten bepalen waar een fragment kan komen.

Ik bepaal welke en hoeveel, de stad doet de rest.
En het vreemde is: ze vallen nauwelijks op.
Ik had verwacht dat zo'n keramische vorm behoorlijk aanwezig zou zijn op een gevel. Het tegenovergestelde is waar. Ze lijken zich aan de muur aan te passen.
Wat eerst een lelijk gat of een roestige schroef was, valt ineens minder op.

De komende jaren gaat CLSTR mee op reis.
Wanneer ik een stad bezoek, neem ik een paar fragmenten mee. Ik zoek niet naar beroemde plekken of perfecte muren. Ik kijk gewoon of de stad ergens een plek heeft achtergelaten.

Misschien blijft een fragment jaren hangen. Misschien verdwijnt het na twee dagen. Misschien ziet iemand het wél.
Wie een fragment tegenkomt, kan Google Lens erop richten. Als Google het herkent, leidt het spoor terug naar CLSTR en het archief.
CLSTR is gemaakt om gedeeld te worden. Niet één kunstwerk voor één verzamelaar, maar één kunstwerk verspreid over diverse plekken, huizen en landen. Allemaal onderdeel van hetzelfde kunstwerk.